Een kijkje achter de voordeur van Wouter Bandstra, Boppelâns 40

In de Warnser Poarte biedt hij gitaarlessen aan. Op de foto bij de advertentie staat een vrolijk lachende jongeman.
Toen ik hem belde en vroeg of hij geïnterviewd wilde worden, zei hij ‘ja’, om er direct aan toe te voegen dat hij niet wist of hij wel een interessant verhaal had. Toen ik ter voorbereiding van ons gesprek zijn website bekeek, zag ik dat hij naast gitaarleraar ook parttime voorganger is in de Baptisten gemeente Sneek, volgens mij een combinatie die zeker een interessant verhaal zal opleveren.

De deur wordt opengedaan door een man met een paardenstaartje in een rose T-shirt met opdruk. Vriendelijk lachend, maar minder uitbundig dan ik had verwacht. Bij binnenkomst valt het me op hoe rustig en opgeruimd het is. Twee koffiekopjes en taartschoteltjes staan klaar, op tafel. Ontmoet ik hier de voorganger in plaats van de gitaarleraar?

Wouter stelt voor het gesprek bij het begin te beginnen. “Ik ben in 1981 geboren in Stavoren, op de Achterdelft, in een gezin met mijn oudere broer Klaas, een vader die hard werkt in zijn eigen loonbedrijf en een moeder die huisvrouw is. Een open gezin met lieve ouders, met wie je je gevoel kunt delen. De geloofsbeleving waarin ik ben opgevoed was Baptisme, een heel persoonlijke stroming binnen het christelijk geloof.

Ik ging naar de lagere school in Stavoren en naar de mavo in Koudum. Ik had geen idee wat ik daarna zou gaan doen, dus toen de leraar voorstelde dat mts-bouwkunde in Sneek misschien iets voor me zou zijn, ben ik dat gaan doen. Naast school speel ik vanaf mijn 13e gitaar en dat vind ik nog steeds heel mooi. In mijn herinnering heb ik in die tijd ook wel gezegd dat ik naar het conservatorium zou willen, maar mijn moeder ontkracht dat wat. En eerlijk is eerlijk, je moest een hbo-opleiding hebben om naar het conservatorium te kunnen, dus zo gemakkelijk was het niet.

De mts heb ik afgemaakt, hoewel ik de theorie niet echt interessant vond. Kunst vind ik prachtig, maar sterkteberekeningen trekken me niet. Muziek is mijn passie. Ik heb jaren in verschillende bands gespeeld, waaronder Lemon. Toen ik in 2002 klaar was met de mts had ik voldoende niveau om elektrische gitaar te gaan studeren bij ArtEZ, het conservatorium in Zwolle, elke dag in mijn bmw-tje op en neer naar Zwolle. Ik heb er een mooie tijd gehad en fijne mensen leren kennen. Ik vond het wel superspannend, want muziek gaat over gevoel, dat komt heel dichtbij. Voor het eerst een voorstelling geven voor mensen waar je tegenop kijkt, dat vond ik wel pittig. Vrijwel aan het begin van de opleiding werd me geadviseerd gitaarles te gaan geven, omdat je als docent zelf veel leert. In het begin ging ik bij de leerlingen thuis langs, de laatste jaren geef ik les in mijn praktijkruimte in de achtertuin. Ik heb op dit moment ongeveer 30 leerlingen, de meesten uit Warns, maar ook uit Stavoren, Molkwerum, Hemelum en zelfs één uit Lemmer. Ik vind het leuk om samen met de leerlingen te kijken wat ze willen leren. Ik begin meestal met akkoorden en het meespelen van een liedje van de radio.

Op een gegeven moment had ik het wel gezien, dat spelen met de band op bruiloften en partijen. En toen kwam mijn belangstelling voor theologie weer bovendrijven. Ik kreeg de behoefte me te verdiepen in het geloof en ben in 2007 begonnen met een 5-jarige opleiding Theologie aan het Baptisten Seminarium. Na twee jaar waren er nog maar vier studenten en toen hebben we besloten om te gaan samenwerken met Windesheim in Zwolle, een opleiding godsdienst en pastoraal werk, gericht op werken als geestelijk verzorger in een bejaarden- of ziekenhuis of om voorganger te worden. De overstap naar Windesheim was spannend, omdat ik me daarmee zou openstellen voor alle vragen die langs zouden komen. Ik zou misschien dingen kwijtraken en wilde ik dat? Want, wat komt daarvoor dan in de plaats? Ik ben het aangegaan, heb me opengesteld, ben daardoor niet meer zo zwartwit als ik ben opgevoed, er zijn wat kanttekeningen bijgekomen, ik ben genuanceerder geworden en dat heeft me geholpen om te kunnen meebewegen met anderen. Daarnaast ben ik in mijn opleiding inderdaad bepaalde dingen verloren en dat heeft ook wel verdriet gedaan, want als je bepaalde overtuigingen die je hebt moet loslaten, dan is dat niet gemakkelijk.

Tijdens mijn studie heb ik stagegelopen bij de Baptisten Gemeente in Sneek. Ze vonden me nog wel jong (ik was 30), maar de dominee vond dat ik een kans verdiende. Toen de dominee met pensioen ging, werd er gezocht naar een nieuwe voorganger tussen de 35 en 45 jaar die 100% beschikbaar was en die veel ervaring had en dat was ik allemaal niet. Toch zijn ze op het laatst bij mij uitgekomen. De gemeente vond het leuk, een jonge, muzikale dominee met humor. En hoewel het mij eerder helemaal niks leek, dominee worden, ben ik het nu toch. Mijn beeld van dominee zijn, was dat je dan in een glazen huis leefde, dat het een eenzaam bestaan zou zijn en daar zat ik niet op te wachten. Maar naast het voorgaan in de dienst doe ik huisbezoeken. Wat me daarin vooral aanspreekt is om samen met de mensen de reis aan te gaan. Dacht ik vroeger dat ik een waarheid had voor anderen en dat het mijn opdracht was om dat over te brengen, nu vind ik het veel mooier om te ontdekken wie die ander is, waar hij/zij mee bezig is en te ontdekken hoe God daarbij betrokken is.

Nu ik zelf aan het roer sta, kan ik zelf invulling geven aan hoe ik voorganger wil zijn. Ik maak contact met alle voorgangers in Sneek, niet alleen met dominees, maar ook met de pastoor. In het begin bekeken ze me argwanend, sommigen vonden me raar, een dominee met een staartje, waar gaat dat over? In welk hokje past die? Maar het ontdooit. En vond ik in het begin dat ik sociaal wenselijk gedrag moest vertonen, nu word ik daarin steeds vrijer. Ik ben tenslotte ook een mens en ik denk dat God dat prima vindt. Het is persoonlijk mijn grootste gevecht om te onderzoeken hoe om te gaan met mensen in de gemeente in Sneek die willen behouden wat ze kennen. Die zeggen “laat maar, we doen het al jaren zo”. Om dan mijn enthousiasme vast te houden, dat is een gevecht.

Of het geloof in Nederland nog een boodschap heeft in de 21e eeuw, dat vind ik een zoektocht. Wat ik wel geloof, is dat de liefde die ik voor mensen voel, dat die bij God vandaan komt. Vanuit mezelf ben ik wat meer op mezelf gericht, introvert, maar als ik dan teksten lees als ‘Heb uw naasten lief als uzelf’, dat zijn toch wel kernteksten voor mij die zeggen dat we er met elkaar iets van moeten maken. God is wel de kracht, de motor.

Toen ik voorganger werd, heeft mijn vrouw Lia heel duidelijk aangegeven dat ze geen onderdeel wilde zijn van het ‘pakket’. Ze houdt een gezonde afstand, ze geeft het aan als ze vindt dat ik ergens te dik in zit, of als ze het ergens niet mee eens is. Lia werkt in Oudemirdum bij Bokma, een technische winkel op de Brink. Ze heeft net een opleiding voor gastouder afgerond en daar wil ze na de zomer iets mee gaan doen. Ik heb Lia leren kennen tijdens een stappersavond toen ik een jaar of 16, 17 was. Ik wist meteen dat zij het was, ze is mijn maatje. Samen hebben we drie kinderen, Daniël, Elisha en Noa. Lia heeft een Nederlands Hervormde achtergrond maar ze is wel Baptist geworden, het is uiteindelijk ook haar overtuiging geworden. Lia is actief in onze buurt, ze is voorzitter van de buurtvereniging. Ik ben minder actief in het dorp, wel ben ik voorzitter van de identiteitscommissie van de school van de kinderen. Toen onze overburen Auke en Josine hun kindje verloren, heb ik bij het afscheid Josine begeleid bij het zingen van het lied: All of me. Op zo’n moment kan ik wel iets betekenen voor mensen in de buurt. Ik hoop dat ze me hier wel zien als benaderbaar. Wij wonen hier prima, maar het is dubbel. Het is een lekker rustig buurtje, de kinderen kunnen zo de straat op. Maar ik zou het ook wel lekker vinden om in een stad te wonen. Ik houd ervan om naar een mooie voorstelling te gaan, of even een pilsje te drinken.

Mijn hobby’s zijn zeilen en lezen. Ik doe mee met de IFKS bij Age Bandstra met een gehuurd skûtsje. Ik probeer minstens een keer per week te fitnessen en verder houd ik van contact met mensen. Het voorganger-zijn heeft op dit moment in mijn leven meer passie dan het geven van gitaarles, hoewel ook gitaarles nog steeds voldoening geeft vanwege het contact met de leerlingen.”

Wilma Deurloo

Sluit Menu