Een kijkje achter de voordeur van Kees en Coosje Lettinga, ’t Noard 15 (18 december 2015)

Bij de boekenmarkt op 8 november sta ik naast Kees en Coosje. “Ik kijk met mijn handen op mijn rug,” zeg ik, “want ik mag van mezelf geen nieuwe boeken kopen omdat ik de boeken van vorig jaar nog niet allemaal heb gelezen.” “Ik heb mezelf ook voorgenomen geen boeken te kopen, maar de zijtassen van mijn fiets zitten al vol”, zegt Coosje lachend met de volgende stapel boeken in haar handen. Het is daar dat ik Kees vraag of hij ervoor voelt geïnterviewd te worden voor de Warnser Poarte. “Jawel, maar dan samen met Coosje.” Ik begrijp niet precies waarom hij Coosje erbij wil hebben, maar na ons gesprek is me dat volslagen duidelijk. Huisarts zijn in Warns is een duo-baan! En een interview moet dus ook een dubbelinterview zijn, waarbij zij aangetekend dat Kees en Coosje elkaar regelmatig aanvullen en Coosje een beter geheugen blijkt te hebben voor data waarop gebeurtenissen hebben plaatsgevonden. Voor de leesbaarheid laat ik soms in het midden wie wat heeft gezegd.

Een kijkje achter de voordeur van Gepke Visser, ’t Sou 1 (30 augustus 2015)

Een klein berichtje in de Warnser Poarte van juli 2015 trok mijn aandacht: “Gepke Visser heeft in principe afscheid genomen van filmdag oud Warns, in verband met een aanstaande verhuizing.”

Ik wist dat Gepke als leerkracht was verbonden aan de Totem, dat ze met pensioen was gegaan en dat ze op ’t Sou woonde, verder kende ik haar niet echt. Ze stond echter wel op het lijstje van mensen die ik graag een keer zou willen interviewen. Gezien de aanstaande verhuizing was dus enige haast geboden. Ik was al diverse keren bij haar huis langs gegaan om te zien of wij een afspraak konden maken, maar ik trof haar nooit thuis. Op zaterdag 29 augustus zag ik haar zitten als toeschouwer bij de stormbaan met zeephelling en survivalbaan die op het sportveld achter de Treffe was neergezet door de Oranjevereniging. Dit was mijn kans! Nog voordat ik haar had benaderd, zag ik uit mijn ooghoeken dat ze vertrok. Gelukkig kon ik haar nog net achterna rennen om haar te vragen voor een interview. Ik overviel haar, dat was duidelijk, maar gelukkig stemde ze toe. En zo zit ik een dag later met haar aan tafel in een huis waar een aantal verhuisdozen al langs de wand staan opgesteld.

Een kijkje achter de voordeur van Riekele Stobbe, Buorren 52 (18 februari 2015)

Riekele woont samen met Marja aan de Buorren in een huis uit 1840. Hoewel het er van buiten vrij donker uitziet, is het van binnen aardig licht. Doordat er een klein voortuintje is, rijden de auto’s over de Buorren niet al te dicht langs het huis. Riekele vertelt dat er een grote tuin achter het huis ligt, waar hij in de zomer graag en veel werkt en waar hij in de winter geniet van de vogels. “Ik zag laatst drie pestvogels en dat geef ik dan door aan Tryntsje.”

Tijdens ons gesprek wordt me duidelijk dat Riekele ‘graag en veel’ bezig is. “Als ik me ergens instort, dan is dat voor 100%. Dat is weleens lastig, want ik bewaak mijn grenzen niet altijd even goed. Maar laat ik bij het begin beginnen, ik ben opgeleid tot chemisch analist. Ik werkte samen met andere analisten op een groot laboratorium en dat beviel me uitstekend. Nadat ik was gaan werken voor één onderzoeker in een eigen laboratorium, merkte ik dat ik het contact met collega’s het meest miste.

Een kijkje achter de voordeur van Piebe de Boer, ’t Noard 16 (15 augustus 2015)

Voordat we aan ons interview gaan beginnen, mag ik in de tuin de vogels van Piebe bekijken. Hij heeft een paar kooien met tropische ‘kromsnaveligen’, mooie papagaaien in felle kleuren. Ze passen uitstekend bij de tropische temperatuur deze middag. Een enkel koppeltje heeft jonkies, trots laat Piebe ze me zien. Het is moeilijk voor te stellen dat uit deze vreemde vogeltjes later zulke mooie exemplaren zullen groeien. Nu is hun nekkie nog bijna doorschijnend, de oogjes zijn dicht, van veren is nog geen sprake. Maar, als ik de ouders bekijk, dan moet het allemaal goedkomen.

Een kijkje achter de voordeur van Anneke Piersma, Skarlerdyk (16 oktober 2014)

“Gastvrijheid en sfeer zijn voor mij erg belangrijk”, begint Anneke als ik haar vraag hoe zij het werken als beheerder van de Spylder heeft ervaren. “Dat heb ik van mijn beppe. Zij was daarin belangrijk voor me. Bij haar was het gezellig, er waren koekjes, er stonden bloemen op de tafel, er brandden schemerlampjes. Nee, geen kaarsjes, dat heb ik van mezelf.  

Ik ben in 2004 in Warns komen wonen, ik had toen nog een volledige baan en was daardoor veel van huis. Ik wist dat ik vóór mijn 65e ging stoppen met werken. Ik had geen idee, hoe ik daarna  mijn vrije tijd zou gaan invullen. Ik was bang om in een gat te vallen. Mede daarom heb ik ‘ja’ gezegd toen Renneke mij vroeg of ik beheerder wilde  worden van De Spylder.